Jan Dirk Semeins

hart

2 personen hebben Jan Dirk Semeins in hun hart gesloten.

In het gastenboek kunt u uw persoonlijke boodschap opnemen.

Jan Dirk Semeins
Voornaam Jan Dirk
Achternaam Semeins
Geboortedatum 22 maart 1916
Geboorteplaats Wijk aan Zee en Duin
Overlijdensplaats Eerste Weteringplantsoen, Amsterdam
Overlijdensdatum maandag 12 maart 1945
Begraafplaats Beverwijk, Duinrust

 

 

 

 

 

Foto van Jan Semeins. Bron: Mary Duinmeijer-Bos.

 

 

 

Op het herdenkingtableu dat jarenlang in de bestuurskamer van voetbalvereniging De Kennemers hing zijn vijf inwoners van Beverwijk vermeld die omgekomen zijn:

Antonius Adrianus Adelaar,             Pieter Houtkooper,         Cornelis van der Kolk,    

Cornelis Gijsbertus Rietkerk    en    Jan Dirk Semeins.

 

 

Jan Semeinshof, officiële straatnaam bij raadsbesluit van 9 december 1976.
Jan Dirk Semeins werd geboren op 22 maart 1916 te Wijk aan Zee en Duin en overleed op 12 maart 1945 te Amsterdam. Semeins was schilder van beroep. Evenals zijn boezemvriend Reinier Pletting was hij actief lid van Binnenlandse Strijdkrachten. Zijn verzetswerk bestond uit hulp aan onderduikers, jodenhulp en hij verspreidde het illegale krantje "Vrij Nederland". Hij werd gelijk met Reinier Pletting en Jan Pleeging op 26 februari 1945 door de Duitse politie gearresteerd wegens zijn hulp aan onderduikers en joden. Zonder een vorm van proces werd hij op 12 maart 1945 gefusilleerd op het Weteringsplantsoen te Amsterdam. Dit als represaille voor de aanslag op de SD'er Wehner die een paar dagen ervoor bij een inval aan de Stadhouderskade door twee verzetsstrijders was doodgeschoten. Op 27 oktober 1945 werd hij, na een rouwdienst in de Grote Kerk, herbegraven op Duinrust.

Bron: "Een straatje om in Beverwijk" door Jan van der Linden.


In het ressort van Lages vond, afgezien van de represailles na de Z.g. aanslag op Rauter, de omvangrijkste represaille-actie op 12 maart 1945 plaats, vijf dagen nadat Rauter zwaar gewond was geraakt: zes-en-dertig gevangenen werden toen doodgeschoten aan het Weteringplantsoen. Dit was een wraakactie wegens het feit dat SS-Hauptscharführer Ernst Wehner, die als Kriminol-Oberassistent werkzaam was bij het Einsatzkommando Amsterdam, in een vuurgevecht met illegale werkers was gesneuveld.

Twee dagen eerder, op 10 maart, had de SD een inval gedaan in een pand aan de Stadhouderskade tegenover het Weteringplantsoen waar zich de centrale post bevond van de 'Groep-2000' - een illegale organisatie welke in 1941 was opgericht door mej. J.J. van Tongeren, dochter van de Grootmeester der Vrijmetselarij. Van het cijfer 2000 uitgaande, had zij alle leden van de organisatie een eigen nummer gegeven en die nummers stonden genoteerd in een coderegister. Dat register werd in de centrale post bewaard maar toevallig bevond zich daar op de dag van de inval ook de sleutel op de toegepaste code zodat de SD, het ene stuk met het andere combinerend, achter de identiteit van alle leden van de Groep-2000 zou kunnen komen. Veiligheidshalve was de codesleutel in de tuin begraven, maar men moest rekening houden met de mogelijkheid dat dat tweede stuk zou worden gevonden. Snel beraad leidde tot de conclusie dat enkele leden van de Groep-2000 zouden trachten, het tweede stuk op te graven en mee te nemen. Die leden drongen op 11 maart het pand binnen dat door de SD bezet gehouden was. Daarbij ontstond een vuurgevecht - Wehner werd dodelijk getroffen.

Op maandagochtend 12 maart werden zes-en-dertig gevangenen uit het Huis van Bewaring aan de Weteringschans naar het Weteringplantsoen overgebracht. De Ordnungspolizei hield daar voorbijgangers aan en haalde een aantal omwonenden uit hun huizen. Deze mensen werden groepsgewijs gedwongen het eveneens groepsgewijs fusilleren van de gevangenen gade te slaan. Wie van die toeschouwers zich omdraaide of de ogen afwendde, 'werd', aldus de Clercq, “in de juiste richting geschopt of met de kolf van een geweer bewerkt” Het fusilleren vond plaats voor een met aarde afgedekte schuilkelder die als kogelvanger diende - vóór die schuilkelder lag een hoop stinkend afval. Vlak tegen die hoop werden de gevangenen opgesteld, telkens twaalf. Drie salvo's weerklonken.

Eén van de kogels vloog over het hoofd van de slachtoffers en werd de predikant en theoloog dr. Jan Koopmans, een van de voormannen van het Hervormd verzet, fataal. Hij werd in zijn hoofd getroffen terwijl hij naar het gebeuren keek uit zijn woning aan de Stadhouderskade. 12 Dagen later op 24 maart overleed hij.

De dichter Albert Helman schreef onder een van zijn pseudonimen, Nico Slob:   'Niemand sprak; geen kreet, geen kreunen, zelfs geen ademtocht, alleen 't bevel tot opmarcheren in een vreemde taal, nog harder dan de schoten, en wat tuimelende echo's langs de kade. Zwijgend is daarop het volk uiteengegaan; de doden lagen op een grote hoop - en ik, ik denk zo menigmaal: zij zijn niet heengegaan, de ongenoemden, die toch elk een naam, een lot, een hoop, een sprankje toekomst waren. Neen, ze zijn niet heen; in elk van ons sloeg dóór wat uit hun lijf die kleine kogel joeg, een bliksemflits gelijk, aan wijsheid, aan gelatenheid, aan levenswil ook, aan besef van wat dit broze, lieve leven is, en wàt de vrijheid"

Bron: Het Koninkrijk der Nederlanden in de Tweede Wereldoorlog - Deel 10b

 

Terug naar Monument De Gevallen Hoornblazer Eerste Weteringplantsoen Amsterdam.

 

 

Genealogische gegevens.

Jan was ongehuwd.

De ouders van Jan zijn Pieter Semeins, geboren Winkel 19-12-1888, overleden Beverwijk 06-01-1964. Huwde Wijk aan Zee en Duin 01-03-1911 Jansje Pesch, geboren Wijk aan Zee en Duin 06-01-1887, overleden Beverwijk 07-04-1958.

Woonadres Romerkerkweg 77 Beverwijk.

 

Bron: De Koerier 27 oktober 1945.

1945 10 27 Kennemer Koerier800.jpg

 

Jan speelde voetbal in het 3e team van De Kennemers.Onderstaand uit het Haarlems Dagblad van 2 februari 1935.

HlmDgbl 02021935 blz13en14.jpg